Evaluatie

Onze school kiest in haar evaluatiemethode voor een combinatie van dagelijks werk/examens en gespreide evaluatie. In de eerste graad wordt voor sommige vakken het gewicht voor 100% naar het dagelijks werk verlegd en dus zullen leerlingen regelmatiger moeten werken. Hiermee leggen zij de basis voor enerzijds aandacht en medewerking in de lessen en anderzijds een regelmatige studiehouding thuis. Wij bieden onze leerlingen hierdoor de kans om met succes de overgang van de basisschool naar het secundair waar te maken. Ook voor de modules in alle jaren en voor het specialisatiejaar in 7 BSO wordt gebruik gemaakt van gespreide evaluatie.

Daarnaast stellen we het breed evalueren voorop. We willen door middel van een degelijke evaluatiepraktijk niet alleen zicht krijgen op wat onze leerlingen kennen en kunnen, maar ook actief aan de slag gaan met de verkregen informatie. Breed evalueren houdt in dat de leerling d.m.v. zelfreflectie en allerlei evaluatiemethodes (feedback leren geven en ontvangen, peerevaluatie…) in staat is om verantwoordelijkheid te krijgen over het eigen leerproces. Het betekent ook dat we als school aandacht hebben voor het evalueren van de talenten en mogelijkheden van elk persoon en dit vanuit verschillende invalshoeken.

2016-01-05 11.04.23In de eerste graad krijgen de leerlingen vier keer per jaar een rapport ‘dagelijks werk’ (oktober, december, maart en mei). De leerlingen van de tweede en de derde graad krijgen drie keer per schooljaar een rapport ‘dagelijks werk’ en een tussentijds rapport met een overzicht van de studieresultaten van een bepaalde periode (tussentijds: eind oktober, september-november, januari-maart, april-juni). Zelfevaluatie is een vast gegeven bij elke rapportperiode. We leren leerlingen stilstaan bij hun resultaten en de manier waarop ze die behaald hebben.

Iedere leerling krijgt bij elk dagelijks werk ook een attituderapport waarin elke leerkracht voor zijn of haar vak bepaalt in welke mate de gestelde attitude beantwoordt aan de verwachtingen. Dit rapport is zeer zinvol en geeft aan welke werkpunten een leerling nog heeft op het vlak van attitudes. Bijsturingen kunnen uitmonden in een volgkaart of andere maatregelen.

In december en in juni worden examens georganiseerd waarvan de resultaten via een examenrapport worden meegedeeld.

Naar aanleiding van de nieuwe projectwerking d.m.v. modules in alle graden en onderwijsvormen wordt er gestreefd naar een kwalitatieve evaluatie door middel van een competentierapport. Op het rapport krijgt de leerling per module een waardeoordeel voor zelfsturende, sociale, functionele competenties en leercompetenties. Er is ook ruimte voor zelfreflectie en voor de eigen ervaringen van de leerling.

Ook voor onze leerlingen in TSO en BSO, die voorbereid worden op het beroepsleven, is een competentierapport een aangewezen instrument voor evaluatie. Op de arbeidsmarkt wil men namelijk dat steeds meer mensen naast de kennis van hun vak ook over een aantal sleutelcompetenties beschikken, die in sterk wijzigende en complexer wordende contexten kunnen ingezet worden. Het gaat dan over werkkwaliteiten als stiptheid, nauwkeurigheid, assertiviteit, engagement, flexibiliteit en doorzettingsvermogen.

In het zevende jaar  BSO (specialisatiejaar) wordt gewerkt met gespreide evaluatie. De bedoeling is dat leerlingen de vaardigheden en kennis die ze tijdens de zes voorgaande jaren van hun beroepsopleiding hebben aangeleerd op een geïntegreerde manier leren gebruiken in praktijksituaties die nauw aanleunen bij het echte beroepsleven. De leerkrachten evalueren de leerlingen op geregelde tijdstippen tijdens het leerproces en sturen bij waar nodig.

Voor onze school is het van belang dat leerlingen leren beschouwen als een levenslang proces, iets wat nooit af is. Om hen hierbij te helpen, hebben we het leerportfolio ontwikkeld. Dit is een document dat leerlingen op het vlak van studiekeuze en studiemethode begeleidt van het eerste tot het zesde jaar. Bij elke evaluatieperiode (dagelijks werk en examen) bouwt het leerportfolio een reflectiemoment in waarbij de klastitularis optreedt als coach. Zo leren onze leerlingen nadenken over hun evaluatiecijfers en hun studiemethode bijsturen. Zelfreflectie en zelfkennis zijn namelijk een voorwaarde om bewust te kunnen leren en kiezen. Het portfolio helpt leerlingen ook om via gerichte opdrachten op zoek te gaan naar hun interesses, talenten en competenties.

2015-10-12 15.45.07 2015-10-12 15.41.09